‘Gereünieerd’ met mijn ‘Emmen’

Middendorp mag Emmen middels megalomane meewarigheid morbide maken….

…ik kies toch maar een andere route terug naar mijn MM’se verleden.

Rücksichtslos werpt de schrijver in zijn romans een rottend schapenvacht over zijn jeugd in de ZO-Drentse uithoek: Emmenaren zijn in zijn schrijfels gelijkgesteld aan gebochelde gestalten van turfstekende quasi-modo’s en is E&O zelf gereduceerd tot een enkele blokkerwinkel temidden van de uniforme blokker-blokhuizen. Middendorps Emmen is een naargeestig oord, ja…zo heb ik er ook lang over gedacht.

Het snobisme van Middendorp was -ahem, of misschien ‘is’- mij allesbehalve vreemd. Wie -zoals wij- in Emmen is opgegroeid en in de naweeën van zijn pubertijd het dorp verlaten heeft, zet zich af. Zeker als je dan ergens in de’grote (rand)stad’ gaat wonen, Amsterdam in mijn geval, reizen maakt, studeert en je je in hoogdravend tempo vereenzelvigd met de intellectuele elite waar je maar wat graag bij wil horen. Dan zijn je ouders plots simpele middenstandsboeren, de straat waar je opgroeide (o ja dat was dezelfde Noorderstraat, schuin tegenover de Peters Blokkerfiliaal) het episch centrum van benepen bourgeois-winkeliers en de regio niet meer dan boerenland bezaaid met plaggenhutten bewoond door makkelijk uitbuitbare horigen. Stad versus land = slim versus dom = verlicht versus achterlijk etc.., dualismen die de treden vormen naar een verheven positie vanwaaruit je met hybris en dédain op de semi-rurale afkomst kan neerkijken. Een bron van literaire inspiratie, dit perspectief, blijkt.

Literair, maar even banaal als gemakkelijk..

Mijn randstedelijke hybris verdween pas toen ik emigreerde. In den vreemde leerde ik dat mensen ondanks grote culturele verschillen, first and foremost vooral mensen zijn: je weet wel van vlees en bloed enzo, zonder humanistische boelshit van het kosmopoliet-zijn: ze schijten, pissen net als ik elke dag, worden verliefd, maken ruzie, maar zijn ook in staat tot de mooiste filantropische daden. Elk mens draagt naarmate zij ouder wordt een expanderende kosmos met zich mee waarin de oneindig veel sterren hun oude licht op het heden schijnen, ongeacht de plek en cultuur van hun contemporaine bestaan. Bovendien was het ontnuchterend om na  remigratie uit Istanboel, mijn geliefde Amsterdam terug te zien als een kneuterig Madurodam waar iedereen Matthijs van Nieuwkerk napapegaait. Fuck de hoofdstad, ik ben in Haarlem gaan wonen. Dat terzijde.

Wat Emmen in positieve zin weer terug zette op mijn kaart was het organiseren* van de reünie van mijn middelbare school, De Dissel. Het bleek een ander Emmen te zijn dan het aftandse ‘middendorp’ van Peter, verklap ik maar alvast, een mooi Emmen, met mooie Emmenaren. De eerste vergadering met een bijeengeraapt zooitje oud-disselaars, ‘de organisatie’ was al een waar feest.

Een reünie is sowieso een vreemd fenomeen. Zo ook deze. Het Emmen van vroeger, de jaren tachtig en negentig, bestaat immers niet meer. Zelfs de school is van de aardbodem verdwenen. Het enige wat er nog van resteert zit onzichtbaar vastgebakken in de hoofden van de leerlingen van toen. Het grappige is dat in al die individuele kosmosjes bepaalde sociale structuren rechtop blijven staan, geen tijd kennen, die m.a.w. de individuele kleuring van al die herinneringen overstijgen. De populaire boys & girls, de mores, de rangordes vormen het collectieve cement in de muur van individuele herinneringen. Het is niet voor niets dat bij het wederzien men momentaan vervalt in oude patronen: zelfs al was een van ons minister was geworden, maar vroeger een lulletje rozewater was, dan is de kans groot dat hij tijdens een reünie nog zo behandeld wordt. Ik was geen lulletje, geloof ik, maar toch zag ik een beetje tegenop tegen het weerzien.

Als ‘straf’ voor mijn nalatigheid als organisator moest ik -terecht- kassajuffrouw zijn bij Hampshire, waar reünie plaatsvond. De stroom van oud-disselaars zag ik voorbijtrekken, ieder met het gewicht van hun levensjaren op hun schouders. Zoveel mensen, allemaal in meer en mindere mate bekend. De leden van de organisatie had ik al leren kennen, hun verhalen en worstelingen aangehoord, de mijne gedeeld. Leuk, positief. De Dissel was geen elitaire school, velen van ons zijn ontkiemd op de povere bodem van probleemgezinnen, zonder veel middelen, en hadden, in de meeste gevallen, geen hartstochtelijke passie voor leren. De humor die we deelden -en nog steeds delen-  paste daarbij: erg Drents, nuchter, recht door zee, cynisch, rauw maar gruwelijk leuk. Die humor vonden we met elkaar snel terug. Die arme docenten die ons iets moesten bijbrengen..enfin.. Neemt niet weg dat ondanks de luctor-et-emergo-levens die veel disselaars hebben gehad, zich ook een aantal talenten hebben laten zien, ontwikkeld in post-disseltijd vaak. De organisatie illustreerde dat: zo was er een Robin M. die fantastisch bleek te kunnen zingen, een Bianca M. en Peter A., die als geen ander kunnen organiseren, bleek er in Peter G. een presentator en Martine H. een handbalfenomeen te schuilen, blijkt Wendy R. behalve een lekker wijf (excusez le mot), een geboren lerares. Ik moet het rijtje talenten afmaken: Sebastiaan M. werd een succesvol paardenfluisteraar naast professioneel ICTer (cyber security specialist, Seb. heeft ook onze site gebouwd), Dana S. een uitzonderlijk lief en aardig mens en last but not least de illustere Diederick van B.: hij heeft het talent dat maar weinigen bezitten, het vermogen om iedereen in zijn omgeving een lach op het gezicht te toveren.

Als de organisatie al een feest was, kon datzelfde niet uitblijven voor de reünie zelf. Voor mij was dat het geval. Eigenlijk wilde ik vooral een persoon zien. Een oude liefde, in de kiem gesmoord in de tijd dat ik de school verliet en zij en ik vlak na elkaar ons maatje (vader) verloren. Het duurde even, en ik had de hoop al opgegeven, maar ze kwam voorbij: dezelfde lach, dezelfde ogen, dezelfde levendigheid: we spraken kort over ons verleden. Het was goed, ze was nog mooier dan toen, en bovendien na geen gemakkelijk leven, gelukkig. Net als ik.

Het Emmen van “De Dissel” bestaat niet meer, wat we terug vinden is onherroepelijk een fictie, een intersubjectief filtraat van herinneringen en ervaringen. Dankzij deze reünie en de maffe organisatie vond ik een mooier Emmen terug dan het Emmen waar ik ooit woonde. Dat geldt niet voor iedereen, besef ik, sommigen zijn gepest of hebben tijdens hun schooltijd simpelweg teveel ellende meegemaakt om Emmen nog mooi te kunnen inkleuren, maar het is ook vaak een kwestie van kiezen. Tegen Middendorp zeg ik dan ook met rauwe disselhumor en met al het engels dat van de klas van meneer Winter is blijven hangen:

Grow up motherfucker!

En laat Emmen verder aan ons gereünieerde disselaars…

Bedankt allemaal!

 

*Overigens, ik heb geen reet gedaan, laat ik eerlijk zijn, te weinig tijd, alleen de opstart en bij de reünie zelf kon ik aanwezig zijn , dus alle credits gaan naar de andere organisatoren.

13 responses

  1. Goed geschreven. Zeker het stuk over de verhoudingen. Heb zelfs een oude strijdbijl kunnen begraven! Mensen veranderen en Emmen ook. Omschrijft hoe ik het Emmen van nu ook zie. Helemaal veranderd en vrijwel geen uitstraling naar het verleden. Herinneringen blijven gelukkig. Was tof om er bij te zijn. De Dissel is niet meer, maar ik sluit toch af met mijn groet. Live long and Prosper!

    • Mooi, Pim, dank voor je reactie. Goed om te zien dat je goed terecht bent gekomen en de strijd tegen het verleden hebt kunnen staken. Geeft rust, weet ook ik inmiddels.

  2. Mooi verhaal Sven! Had het mijne kunnen zijn.. Emmen 1 dag na mijn 18e verjaardag verlaten, weg wilde ik. De wijde wereld in! Dat heb ik 25 jaar volgehouden. Overal gewoond; Groningen, Apeldoorn, Amersfoort, Utrecht, Nijmegen, Breukelen, zelfs in Heerlen. Totdat een relatiebreuk mij dwong om te bedenken wat ik nou écht wilde. Terug naar Breukelen, waar buitenkant belangrijker is dan de binnenkant? Nee. Terug naar Emmen wilde ik. Een vertrouwde plek, waar naast mijn hoogbejaarde vader ook twee lieve vriendinnen woonden die altijd in mijn hart zijn gebleven. De simpelheid die ik destijds verafschuwde, leek mij ineens de perfecte plek om mijzelf terug te vinden en bovendien een veilige, overzichtelijke plek voor mijn 5 kinderen om op te groeien. Dus zo geschiedde. Na precies 25 jaar, 1 dag na mijn 43ste verjaardag, betrok ik mijn eigen huisje in Emmen. En weet je wat? Ik had geen betere move kunnen maken!
    Emmen rules!!!

    • Hee Puck. Dank voor je mooie en openhartige reactie. De cirkel lijkt rond, in jouw leven en hoe mooi is dat?

  3. Mooi geschreven, Sven. Helaas de reünie moeten missen…maar wie weet over 5 jaar!

    Nu woonachtig in Qatar en vanavond op de bank met jouw boek:’Begrijp jij het Midden-Oosten nog’….erg benieuwd!

    • Dank! Ben benieuwd wat je van het boek vindt. Kritiek is welkom, zeker van iemand die in de regio woont. Ben ook wel nieuwsgierig wat je daar doet, maar dat is misschien niet iets voor dit podium,

  4. Lieve Sven,
    Nogmaals, hoe mooi verwoord de eeuwige strijd van de opgroeiende puber. Ik zelf ben vooral heel druk geweest met alles buiten school om. Gelukkig na te veel extra jaren wel mijn Havo-diploma gehaald, en daarna vertrokken uit de regio.
    Omdat mijn ouders nog wel rondom Emmen wonen, kom ik er een paar keer per jaar terug. Steeds de Brasserie inlopen, hopen om die ene oude bekende terug te zien. Is nog niet gebeurd. Tijdens de reünie avond opeens dat magische gevoel gevonden. Dat het allemaal wel goed zit. Mensen gesproken. Oude liefdes teruggezien. Wat een bijzondere avond was het. Dieper ingaan op persoonlijke gevoelens en meningen hoefde niet.
    De afgelopen zondag gesproken met mijn lieve vrouw over de avond ervoor. Haar vragen over wie wat waar en met wie deed, en wie welke carrière heeft niet kunnen beantwoorden, want ik hoefde die info niet. Ik wilde, net als de meesten onder ons, gewoon weer even die puber van (ongeveer) 17 zijn, die zich opgelaten voelde tussen mooie meisjes en die alleen maar leefde in het nu, zich niet druk makend over de toekomst, of over de volgende dag. Wij ouwe knakkers zitten zo vol geestelijke bagage, die ons belemmerd in het genieten. Aan een ieder die dit stukje ook nog leest, wil ik vragen. Leef toch vooral wat meer op je gevoel. Laat je niet steeds tussen de lijntjes persen. Durf buiten die lijnen te kleuren. Maar blijf vooral kleuren! Geef kleur aan je leven! Je bent hier maar zo kort, en dus moet je het mooiste plaatje van je leven maken. Daarna mag een ander er weer mee verder.
    Succes!

    • Wijze woorden Albert, waar ik me volledig mee kan verenigen. Het was een topavond, en zeker dankzij jou. Jouw woorden neem ik mee, en ik hoop met mij vele anderen. We blijven contact houden iig. Succes met alles ook.

Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *