Tweede kerstdag in een parallel universum

Kerstmis wordt meer dan andere feesten geplaagd door allerlei sociale verplichtingen. Althans, zo is mij wel eens ten ore gekomen. Obligate bezoekjes bij de grootouders, ouders en andere bloedverwanten. Feest van stereotypes en clichégedrag. Ik stel me de overvolle huiskamers voor, met tafels vol zoetigheid en kaarsen die in de gaten moeten worden gehouden ‘want de kinderen zijn er ook’. Ik stel me die verveelde mannen voor die in de keuken, nabij de koelkast waar het bier zich bevindt, met elkaar praten over hun werk en tot ergernis van hun vrouw al binnen een uur na aankomst teveel op hebben om nog naar huis te kunnen chauffeuren, zodat zij ‘net als vorig jaar, zelfde liedje zucht’ wéér moet terugrijden met de drie door het vele suiker hyperactief en huilerig geworden kids op de achterbank en een aangeschoten, jolige maar dan helemaal niet zo erg grappige kerel naast zich, en nu het glaasje witte wijn dat zij zelf had willen drinken moet laten staan. Het is dat de witte fles chardonnay die ze zelf ter presentje hadden meegenomen nog niet koud was. Eigenlijk is hij haar domweg weer te snel af, beseft ze, ‘de eikel’, maar dat gaat ze hem straks niet vertellen.

Ik stel me de heimelijke ergernis van de grootvader voor die het getier van zijn rondspringende ADHD-kleinkinderen in zijn huis geheel niet trekt en ‘al he-le-maal niet dat ze ook zijn boeken lukraak uit de kast trekken om er een fokking hut van te bouwen in nota godverdomme bene de ouderlijke slaapkamer’ – en hun gedrag eigenlijk voor onopgevoed houdt, edoch dit oordeel niet tegen zijn kinderen uitspreekt. omdat zijn eigen vader dat ooit, in pre-www-tijden zo gênant ostentatief wel deed en en publique tegen hem uitviel toen zíjn kinders, die elkaar inmiddels niet kunnen luchten of zien maar nu toch even een goedgehumeurd broer-enzuspraatje lijken maken in de keuken, de toen spiksplinternieuwe Philips-magnetron gebruikte voor diverse empirische experimenten met het dure wildvlees dat het hoofdgerecht zou definiëren die avond. Pa’s reprimande keerde hij tegen hem, zijn ad-remme weerwoord deed de ouwe werkelijk helemaal verstommen & doen afdruipen & dat was de laatste keer dat pa of opa hem vernederd/ zijn lesje geleerd had blabla enzovoorts, maar helaas heeft hij dit verhaal nu net iets te vaak aan zijn eigen kinderen verteld om nu ze nu een lui ouderschap te verwijten, temeer ook omdat ze beiden slim genoeg zijn om zijn ego-de-wraakredekunstenaar-vertelling direct tegen hem te gebruiken. In die zin had hij ze wel goed opgevoed, dus wel ja.

Het stomme is, ik ben in de loop der jaren van dit soort obligate samenscholinkjes gaan houden. Misschien juist omdat ik er zo weinig van bijwoon en indien, dan graag analyseer, nou ja veeleer allerlei sociale blasé-ficties verzin om alle gedragingen in een vermakelijk perspectief te plaatsen. Tweede kerstdag zou, had ik een gezin en niet ooit besloten om nimmer mee te doen an het sociale-verplichtingencircus, dé dag zijn die ik zou volgooien met de sociale verplichtingen. De eerste kerstdag reserveren voor de ‘wij’. Dan zou ik vandaag ook om half zes uit mijn nest zijn gedonderd en alvast het ontbijt gereedmaken voordat vrouw en kids opstaan en niet zoals nu een totaal zinloos blogje schrijven. Age quod agis.

Ik geloof dat mijn vriendinnetje wakker wordt, mmm, toch maar even ontbijt maken dan.

Leave a Comment

Your email address will not be published. Required fields are marked *