‘Hoe het met zijn relatie gaat? Nee joh, Sven is polygaam!’

Stelt u zich, beste lezer, ter contextualisering van bovenstaand citaat, een arbeidersbuurt in Haarlem-Noord voor die begin vorige eeuw rondom een lange winkelstraat is ontstaan en is gevuld met goedkopere, smallere en enigszins nostalgische mimeses van herenhuizen die niet zoals de Amsterdamse vijf of zes verdiepingen hoog zijn, maar slechts drie. Proletarische nostalgie van begin vorige eeuw. Grachten zijn voor deze woningen natuurlijk vanaf de bouw smalle straten geweest. Inmiddels worden de afgenomen gemiddelden van ‘s Neerlands gezinsgrootte weerspiegeld in de verruimingen van het interieur van deze arbeideresque herenhuisjes. Gedurende langgerekte periodes van hoogconjunctuur zijn slaapkamertjes samengevoegd en hebben de keukens, ooit het domein der huisvrouwen, hun buiken geopend naar de woonkamers. Waar dertig jaar geleden de wijk nog bevolkt werd met fabriekschefs, huisschilders en bouwopzichters en hun gezinnen, wonen er nu vooral tweeverdieners met hun kinderen, met veelal communicatie-advies, content-creatie en IT-specialiteit als metier. Een wijk vol vrij hoog opgeleide stellen, wit, gezegend met een bovenmodaal inkomen en veelal monogame, rustige levens. Een boom vol broednestjes is het.

Ik bevind me in zo’n open keuken van zo’n herenhuisje in de Cronjé-buurt van Haarlem en observeer met enig leedvermaak hoe mijn beste vriend C. met zijn party-stress omgaat. Het verrassingsmoment van het verrassingsfeestje, die zijn vrouw F. enkele minuten geleden hier in hun woning met zorgvuldigheid heeft georkestreerd, heeft nog maar een paar minuten geleden plaatsgevonden. Een vol huis vol pratende mensen, allen bijeengekomen om C’s veertigste verjaardag te vieren. Ondanks het veelklinkend ‘wij zijn hier voor jou hoor’ voelt C. zich genoodzaakt om het ‘zijn’ gasten naar de zin te maken. Haastig schenkt hij drankjes in, pakt vijf volle glazen tegelijk met beide handen op en deelt deze vervolgens begroetend uit in kamer en keuken. Wij, zijn vrienden en familie, bevinden ons toch in het episch centrum van zijn sedentaire bourgeoisbestaan en de regels der gastvrijheid acht hij ook nu strict van toepassing. Zo toont hij zich het product van zijn grr-istelijke opvoeding en pareert met dit handelen waarschijnlijk de onvermijdelijke gêne van het ‘SUPRISE!-moment. F., C’s vrouw laat zich niet door haar man opnaaien en slurpt relaxt haar wijnglas leeg. De fles Pouilly-Fumé op het aanrecht is binnen handbereik. Haar taak zit erop en ze zoeken het allemaal maar lekker uit. Hun kinderen zie ik vrolijk hun toneelstukjes opvoeren bij verscheidene gasten. Applausjes worden met trotse kinderglimlach geoogst. Ik ben alleen, besef ik me, omgeven door kinderen en stelletjes, maar vermaak me voorlopig prima. Voor het geval dit verandert zoek ik alvast naar de zus van C. die geen honkvast liefdesbestaan heeft en de vieringen bij C. en F. ook altijd zonder partner bezoekt, want ik heb eigenlijk geen zin om door een stelletje te worden aangesproken. Met haar drink ik bier en omdat zij waarschijnlijk als enige in dit gezelschap ook rookt, schuifelen we meestal de tuin in, om dan daadwerkelijk even ‘erbuiten’ te zijn.

Ik zie zus niet. Misschien zit ze al in de smalle door struwelen en manshoge schuttingen geflankeerde achtertuin te paffen. Wel zie ik een oude vriend die ik al een tijd niet gezien heb, GJ, met, zijn naar ik aanneem nieuwe vriendin aan zijn zijde. Hij lacht me zijn openhartigste lach toe. Fijne vent. Zij is net als hij een prachtige verschijning, een wauw-wijf. Haar huid heeft het soort lichtbruine tint die wijst op vrolijke voorouderlijke diversiteit, ze kijkt met heldere blauwe ogen de wereld in draagt en flinke bos kroeshaar die van zwart op de hoofdhuid uitloopt in smalle blonde peies die charmant rond haar gezicht en schouders dansen. Intelligent en welbespraakt is ze ook nog eens, zou snel blijken. Ze complementeert de Arische, Brad Pitt-achtige schoonheid van mijn makker. Perfectie, die twee. De twee mooie mensen, ook, het zij gezegd, qua karakter, die elk in een handomdraai een harem van de andere sekse zouden kunnen ontbieden, slenteren langzaam in mijn richting.

Hij stelt haar voor, na mij eerst op een innige weerziensomhelsing te hebben getrakteerd. Zij neemt al snel het woord en vertelt over hun eerste ontmoeting, hoe en op welke wijze het daarna snel is gegaan en dat zij bij hem intrekt binnenkort. Ja snel natuurlijk, maar áls het klikt dan klikt het, dat voel je, dat wéét je. Ik vraag naar de miniemste details, wil alles weten, ben oprecht geïnteresseerd en laat haar zeker twintig minuten zoveel mogelijk van hun liefdesgenese uit de doeken doen. Daarna feliciteer ik het stel als stel en zeg haar dat ik blij ben voor hem dat zij nu in zijn leven is gekomen. Ik vertel hem dat ik na deze kennismaking ook blij voor haar ben, ‘want’ benadruk ik, terwijl ik me weer tot haar richt, ‘GJ is een speciale, als vriend al een verrijking voor mijn leven, als liefde kan dat voor jou in veel sterkere mate niet anders het geval zijn.’ Ze schenkt me een schitterende lach. GJ knijpt me even vriendschappelijk in de schouders. ‘Zo goed je weer te zien ouwe.’ Leuk, fijn. Ik hoef niet meer naar ‘erbuiten’.

Dan, als hun verhaal in de volheid uit de doeken is gedaan en mijn laatste woorden als de definitieve registratie daarvan even moet bezinken, valt er een stilte waarvan ik weet gaat worden opgevuld door de onvermijdelijke wedervraag. Ik gok dat zij deze gaat stellen. In de keuken wissel ik een blik met C., die aan zijn derde of vierde inschenk-ronde bezig is. De opmerkzaamheid in zijn blik verraadt dat hij onze conversatie al een tijdje in de smiezen heeft gehouden. De snoodaard. ‘Een biertje ja lekker’, en even hoop ik dat het wedervraag-momentum voorbij zou glijden.

Helaas.

‘En hoe gaat het met jouw relatie? Heb je een partner?’ Yep, zij dus. Zelfs haar stem is mooi. Ik bedenk me dat ik eerst een flinke slok koud bier in mijn maag wil voelen en godzijdank heeft C. al een Duvel ingeschonken, mijn favoriete bier, ‘speciaal voor jou Svennie’. Terwijl ik het Duvelpul als een cognacglas met de steel tussen wijs- middelvinger op mijn handpalm laat rusten en nog even een seconde pak om na te denken, buigt C. zich naar de mooie nymph en geeft antwoord:

‘Hoe het met zijn relatie gaat? Nee joh, Sven is polygaam!’

Nu, beste lezer, vraagt u wellicht af of hier sprake is van een vuile vieze teringstreek, een opzettelijk voor schut zetten en dat nota bene van een beste vriend die beter zou moeten weten.. Als beste vriend is hij immers op de hoogte van de modus en wel-en-wee van mijn liefdesleven. Met deze observatie zou u gewoonlijk een punt hebben gehad. Daar komt nog bij dat zijn opmerking de implicatie behelst dat het hebben van meerdere verbintenissen blijkbaar niet als ‘relatie’ telt. Ook dat kan als een burgerlijke, wat meewarige veronderstelling worden gelezen. Bovendien ben ik strict genomen niet polygaam, maar polyamoreus. In dezen kan ik u geruststellen. De vriendschap van mij en C. is gebaseerd op een uiterst proactieve vorm van gedeelde zelfspot en gebaseerd op ironische, en inmiddels redelijk doorleefde kijk op het leven waarin we met veel plezier hoegenaamd betekenisloze details groot maken en hoofdthema’s juist minimaliseren. Elkaar in dit soort situaties te kakken zetten is een categorisch imperatief die onze vriendschap reguleert, fundeert, maar bovenal viert. Ik verwacht niet dat buitenstanders dat allemaal even goed begrijpen. Zijn opmerking was verdomd goed getimed, bracht me volledig van mijn propos en dwong me om niet alleen om eindelijk eens publiekelijk naar buiten te treden en gaf me direct een mooie aanleiding – het vooroordeel van niet-tellende polygame relaties – om dat vanuit de stellingname hiertegen te kunnen doen. Dat kan alleen C. vanuit zijn bovenmatig ontwikkelde sociale instincten tot stand brengen. Niet dat ik er goed uitkwam, toen, want een slappe lach volgde en hield tot verbazing van het mooie stel zeker vijf minuten aan, ‘zo fout dit, och jezus, haha, sorry’, maar de opmaat was gecreëerd om het onderwerp ter hande te nemen, ook om daar, mits, beste lezer, u daar prijs op stelt, in het vervolg met een aantal persoonlijke blogs dieper op in te gaan.

Leave a Comment

Your email address will not be published. Required fields are marked *